Iedere ondernemer weet dat hij verplicht is een boekhouding te voeren. Ook weet iedere ondernemer dat er een verplichting bestaat om bij de Kamer van Koophandel een zogenaamde publicatiebalans te deponeren, uiterlijk binnen 13 maanden na afloop van een boekjaar. In geval van faillissement kan een en ander het bestuur van een rechtspersoon aardig opbreken. Het niet in acht nemen van boekhoudplicht als omschreven in artikel 2:10 BW leidt in het kader van bestuurdersaansprakelijkheid tot een vorm van omkering van bewijslast. Genoemd artikel 10 zegt niet alleen dat op een zodanige wijze een administratie moet worden gevoerd en documentatie op zodanige wijze moet worden bewaard dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de rechtspersoon kunnen worden gekend, maar ook (lid 2) dat onverminderd hetgeen de wet overigens bepaalt het bestuur van de rechtspersoon verplicht is jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van baten en lasten van de rechtspersoon te maken en op papier te stellen. Zal niet vaak gedacht worden dat dit voorschrift overruled wordt door hiervoor aangehaalde publicatieplicht? Bedenk dus dat een geldig genomen besluit tot verlening van de termijn voor het opmaken van de jaarrekening u niet ontslaat van de verplichting de balans en de staat van baten en lasten binnen zes maanden na afloop van het boekjaar op papier te stellen. Ook voor bestuurders van verenigingen en stichtingen geldt dit voorschrift!