In het arbeidsrecht is er veel veranderd sinds in 2015 de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) is ingevoerd. Over de inhoudelijke wijzigingen bent u inmiddels ongetwijfeld geïnformeerd.

Naast de inhoudelijke wijzigingen in regels geldt dat ook kantonrechters sinds de invoering van de WWZ anders omgaan met ontbindingsverzoeken. Voor de WWZ en de invoering daarvan werd in 90% van de gevallen een ontbindingsverzoek toegewezen door de kantonrechter. Sinds de invoering van de WWZ is dit nog zo’n 60%. Dat is iets meer dan de helft, hetgeen betekent dat een groot/groter gedeelte van de ontbindingsverzoeken wordt afgewezen. In die situatie zit u dan nog – levenslang?! – aan uw personeelslid vast.

Waardoor wordt dit verschil in handelen van de kantonrechter bij ontbindingsverzoeken veroorzaakt?
Kantonrechters verlangen sinds de invoering van de WWZ bij een ontbindingsverzoek een volledig en dus beter gevuld dossier. Is zo’n dossier niet aanwezig, dan wordt een gedaan ontbindingsverzoek afgewezen.
Bij een ontbindingsverzoek moet gekozen worden voor een ontslaggrond, welke grond in de wet is opgenomen. Daarnaast -en belangrijker- moet het dossier zodanig goed gevuld zijn dat de kantonrechter kan zien en vaststellen dat er aan de genoemde ontslaggrond is voldaan. Van groot belang is dus het vormen van een goed personeelsdossier. Dit is sinds de invoering van de WWZ alleen maar belangrijker geworden.

Wilt u eens met een van de advocaten van AVIO advocaten sparren over de wijze waarop u dossier vormt en u personeelsleden begeleidt, laat het ons dan gerust weten. Wij zijn graag bereid om vrijblijvend en zonder dat daaraan kosten zijn verbonden eens met u mee te kijken en met u te spreken over dit onderwerp, zodat u in een voorkomend geval niet langer dan gewenst is bent gebonden aan een arbeidsovereenkomst.