Met ingang van 9 juli 2010 is het mogelijk om met jongeren tot 27 jaar aaneensluitend vier arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd te sluiten (mits binnen een periode van vier jaar) voordat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaat.

Het betreft een tijdelijke afwijking van de hoofdregel dat aansluitend drie arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd kunnen worden gesloten (mits binnen een periode van drie jaar) voordat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaat.

De maatregel duurt tot 1 januari 2012 en kan door de overheid eventueel worden verlengd tot 1 januari 2014. Bij cao kan overigens van de regels omtrent tijdelijke contracten zijn of worden afgeweken.

De vraag is of het verschil in behandeling tussen personen tot 27 jaar en personen van 27 jaar en ouder niet discriminerend is.

De reden van invoering van de tijdelijke maatregel is de economische crisis en de wens om de jeugdwerkloosheid te bestrijden. Dat is op zich een legitiem doel.

Is de nieuwe wettelijke bepaling ook passend en noodzakelijk? Dat is nog maar de vraag.

De crisis is op zijn retour en er is niet aangetoond dat de jeugdwerkloosheid door deze maatregel zal worden bestreden.

Werkgevers mogen jongeren tot 27 jaar aaneensluitend een vierde tijdelijk contract aanbieden (mits binnen die periode van vier jaar). Een werknemer kan echter stellen dat hij al werkzaam is op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd omdat de tijdelijke wettelijke bepaling discriminerend is (in strijd met de algemene beginselen van het Europese unierecht) en dus buiten beschouwing moet worden gelaten. Rechters moeten uit zichzelf toetsen aan die beginselen.

Het kan dan zo zijn dat de rechter in een procedure tot het oordeel komt dat er al sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd terwijl de werkgever er nog van uit is gegaan dat de werknemer werkzaam is op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Als werkgever zit u dan onverwacht vast aan een werknemer. U dacht immers dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege zou aflopen, maar opeens moet u als de werknemer niet instemt met beëindiging van de overeenkomst naar de rechter of naar het UWV om tot een einde van de arbeidsovereenkomst te komen. U moet daarvoor wel een goede reden hebben en een en ander zal kosten met zich mee brengen.

U heeft als werkgever dan schade geleden door de toepassing van de wet. U kunt daarvoor de Staat aanspreken omdat deze de algemene beginselen van het unierecht niet goed heeft toegepast.

Het is goed om hiervan op de hoogte te zijn alvorens met een jongere tot 27 jaar een vierde arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd af te sluiten.